woensdag, 18 april 2018 13:42

Hersenspinsels #1

Geschreven door

“We must take time to define our own path. Too quickly we can find the world defining it for us”

Het is officieel, warm weer, iedereen gaat buiten zitten, gezellig picknicken. Mensen zijn blij en vrolijk door deze prachtige dagen. Maar bij mij is dit anders. Ja, ik kom ontzettend graag buiten! Het geeft me ruimte om te ademen, ruimte om “ik” te zijn. Lange wandelingen, oortjes in, gedachten op nul. En gaan! Het is altijd zo geweest. En ik mis die tijden ook echt heel hard. Maar het ligt anders nu. Ik vind het lastig om steeds mezelf te “moeten” verstoppen. Waarom zet ik moeten tussen aanhalingstekens? Omdat het iets is dat ik van mezelf moet. Wat mijn omgeving ervan denkt zou me eigenlijk niks mogen schelen! Maar was het maar zo gemakkelijk. Ik ben mezelf als ik buiten ben, en toch blijft het kleine stukje knagen. Want je kan jezelf toch niet zijn als je je altijd voor alles en iedereen verbergt achter lange mouwen en lange broeken? Overal zeggen dat de warmte “wel meevalt” en dat je een “kouwelijke” bent. Het is een constante strijd tussen mijn monsters en mij. Ik zou heel graag eens gaan zwemmen, eens lekker genieten van dit weer. Maar dat is zo een strijd.  Want geef me eens een antwoord op de vraag die je duizend keer krijgt als je het niet verbergt. Namelijk: “Wat is dat/wat is er gebeurd? Of wil je er niet over praten?” Het is duidelijk dat die persoon het ergens wel weet, maar het niet uit durft te spreken. Of de “grapjes” die soms wel wat ongepast zijn. “Heb je ruzie gehad met de kaasschaaf?” Ik lach wel eens graag met mijn eigen problematieken, maar geef toe dat er een grens is. Het is vooral moeilijk om die grens te ontdekken. Want wat vind ik wel grappig, en een ander dan weer niet?

Met andere woorden, deze dagen zijn niet gemakkelijk. Ondanks ik opgenomen ben, en niet alleen buiten mag, doet het wel steeds zeer om mensen te zien genieten van dit weer. De zon op mijn gezicht geeft me een innerlijke rust. De helderblauwe lucht, de geur van de natuur. Ik hou er zo ontzettend van.

Ik merk dat ik mij daar alleen in voel. Terwijl ik wel weet dat er veel andere mensen ook met dit issue worstelen. Hoe langer ik me verberg, hoe moeilijker ik het vind om toch eens de stap te proberen zetten. Het verlangen naar de mooie lange zomeravonden en gezellige momenten blijft.

Maar ik weet ook wel dat het grootste deel in mijn handen ligt. Dat ik mijzelf moet leren aanvaarden hoe ik ben voor ik het van anderen kan verwachten. Maar die weg lijkt lang, en heel onbereikbaar. Ik moet de juiste “wandelschoenen” nog vinden om op dit pad te durven gaan.  Maar ik probeer. En dat is genoeg voor nu.

Kus

Margot

donderdag, 12 april 2018 10:27

Voor als je jezelf nu wil verwonden

Geschreven door

Deze blog schrijf ik voor jou. Jij die nu op je kamer zit, op school zit, in de sportclub. Jij die je nu eenzaam voelt en het gevoel hebt dat niemand je begrijpt. Dat je alleen staat met je problemen. Deze blog schrijf ik voor jou, voor als je eraan denkt jezelf opzettelijk te verwonden of je dit af en toe doet. Deze blog schrijf ik voor iedereen die zich weleens rot voelt. Die zich slecht in zijn of haar vel voelt en het gevoel heeft dat de wereld een grote en boze plek om te leven is. Deze blog schrijf ik voor jou, als je moeilijke en negatieve ervaringen achter de rug hebt, zoals pesterijen of misbruik. Maar ook voor iemand die geen moeilijk verleden heeft schrijf ik dit bericht. Jij mag je ook slecht voelen. Je hoeft geen trauma’s hebben opgelopen om je vaak rot te voelen. Het mag.

Weet je. Ook jij hebt het recht je verdrietig, angstig of boos te voelen. Ook jij mag je rot voelen onder situaties die je nu moeilijk kan verwerken: school, je eenzaam voelen in vriendschappen en in deze grote wereld in het algemeen. Je mag je rot voelen omdat je je weg niet vindt in het dagelijkse leven. Je het gevoel hebt helemaal alleen te staan. Het mag, echt waar.

Maar er is ook niet mis met mild zijn voor jezelf. Ook jij mag jezelf de tijd geven om je beter te gaan voelen. Ook jij mag eens praten met een leerkracht, vriend(in) of iemand op het werk. Je hoeft niet het grootste en moeilijkste van jezelf te verwachten. Je hoeft niet perfect te zijn. Het gemiddelde is genoeg. Echt waar. Je hoeft niet overal de beste in te zijn, het meeste vrienden te hebben. Je mag er zijn zoals je bent, in al je kleuren.

Soms kan het voelen alsof niets nog goed loopt, alsof je ganse leven om zeep is. Maar zo is het niet. Er zijn altijd kleine lichtpuntjes, alleen moet je er soms naar op zoek gaan. En jij kan dat, echt waar.

Soms denk je er misschien aan jezelf te verwonden. Of voel je op dit moment de drang om jezelf op de één of andere manier te beschadigen. Lees dan verder. Lees dan deze tekst. En besef dat elk rot gevoel weer overgaat, dat niets blijft zoals het nu is.

Vergelijk de hevige emoties, de negatieve gedachten, de angst, kwaadheid, vergelijk het met een golf. Een woelige zee en een grote golf die over je heen spoelt. Misschien voel je je nu verdrinken, stikken in deze woelige zee waarin je staat. Het leven, het gevecht tegen jezelf en de demonen.

Maar weet dat elke storm voorbijgaat. Ook de storm die nu of later in je hoofd woedt. Aan elke orkaan komt een einde, zelfs de meest hevige. Probeer zo weinig mogelijk schade te betrekken bij de orkaan in je hoofd. Laat het mild worden, wees mild voor jezelf. Elke woelige zee wordt ooit rustig.

En misschien heb je het gevoel dat zelfverwonding nu de enige optie is. Maar dat is het niet. Er zijn zoveel andere manieren om de storm in je hoofd te stoppen. Schrijf, teken, sport, lach, schreeuw, dans, loop, spring gek in het rond, maar doe jezelf geen pijn. Doe jezelf geen pijn.

Ik zou het zo jammer vinden mocht jij jezelf nu verwonden. Er zijn zoveel andere opties, echt waar.

Ik geloof in je.

vrijdag, 06 april 2018 11:38

Tijd voor herstel

Geschreven door

Ruim tien jaar lang heb ik diverse therapieën doorlopen. Ik ging met enkele psychologen op pad. Tijdens de eerste jaren van de therapie, bij een psychologe waar ik me niet goed bij voelde, zweeg ik. Ik weigerde te praten omdat het te eng was. Ik vertrouwde die -voor mij- wildvreemde vrouw niet. Ik vond haar vreemd en was te bang om te praten over wat me overkwam. Ik was tenslotte slechts dertien. Dus ik lachte vriendelijk tot het uurtje om was. Veel haalde ik er niet uit. Later kwamen er psychologen op mijn pad die ik wel in mijn hoofd toeliet. Omdat ik langzaam aan de muren ging afbreken. Het vertrouwen in de mensheid groeide. Tijdens mijn eerste opnames in kinderpsychiatrie, praatte ik wel een beetje. Maar veel loste ik niet. ik was nog steeds erg bang, ook al had ik al iets meer vertrouwen in de mensen om me heen.

Het is pas rond mijn negentiende dat ik echt ben beginnen praten. Na een mentale crash zat ik bij mijn nieuwe huisarts, en ik liet haar een tipje van de sluier zien, hoe het eraan toegaat in mijn hoofd. Zij schrok, en verwees me door naar een psycholoog. Dit is intussen vijf jaar geleden. Ik heb nog steeds een sterke band met die psychologe en zie haar ongeveer tweewekelijks. In november ben ik gestart in een centrum voor psychische revalidatie. Ik ben er tot januari geweest, tot de clusterhoofdpijn mijn leven weer zuur begon te maken. Sindsdien ben ik thuis. En dat is vreselijk, lege dagen voor de boeg hebben terwijl mijn hoofd zoveel ideeën heeft. Het lukt alleen niet. Mijn doelen zijn niet realistisch. En dat doet pijn.

Wat me wel opvalt, is dat ik het gevoel krijg dat ik ‘uitgepraat’ ben. Toch als het over ‘graven’ in een traumatische jeugd gaat. Ik wil niet meer met de rakel in m’n verleden wroeten. Ik wil vooruit. En daarom heb ik beslist dat het nu echt tijd is om te herstellen. Wat mijn dagindeling wordt binnenkort, dat weet ik niet. Of ik terug naar het revalidatiecentrum zal gaan of niet. Dat is allemaal nog niet duidelijk. Maar wat ik wel weet, is dat ik wil herstellen. Ik wil naar de laatste fase van m’n behandeling. Leren leven mét trauma in plaats van continu vechten tegen de gebeurtenissen.

Ik denk niet dat de flashbacks, nachtmerries, angsten en depressieve symptomen volledig zullen weggaan. Ze zullen milder worden, dat wel. Maar ik denk niet dat ik ooit onbezorgd en klachtenvrij zal zijn.

Wat herstel voor mij betekent, waar ik naartoe wil, daar schrijf ik later over. Maar in ieder geval kan ik zeggen dat ik er klaar voor ben.

woensdag, 28 maart 2018 08:28

Het leven na zelfverwonding

Geschreven door

Ik heb mezelf zo’n tien jaar lang opzettelijk verwond. Die jaren waren vreselijk. Ik denk er niet graag aan terug omdat ze veel verdriet en kwaadheid bij me teweegbrengen. Nu die tien woelige jaren achter de rug zijn, blijven de gevolgen van zelfverwonding wel aanwezig. De drang komt soms nog de kop opsteken, maar ik zoek andere manieren om ermee om te gaan. Ik schrijf en fotografeer over de zaken die in me omgaan. De angst, het verdriet en de kwaadheid die de trauma’s teweegbrengen, probeer ik in constructieve zaken om te zetten.

Men vraagt me vaak of ik spijt heb van alles, zoals de zelfverwonding. En eigenlijk heb ik er wel spijt van. Wat begon met die ene kras op mijn dertiende, eindigde in iets wat wel een verslaving kon genoemd worden. Er bestaat nog veel discussie of zelfverwonding verslavend is. Volgens mij is dit bij iedereen anders en heel individueel. Maar bij mij was er zeker wel een verslavingsaspect aanwezig. Zelfverwonding werd een drug voor mij. Wat begon met zelfverwonding om de traumatische herinneringen te verdringen, eindigde in krassen uit gewoonte. Bij negatieve emoties, eenzaamheid, angst, spannende momenten, verdriet,… Zelfverwonding had vele functies voor mij. Maar langzaam aan kreeg ik het gevoel dat ik niet meer terug kon. Het werd verslavend. Mezelf verwonden was de heroïne die anderen in hun aderen spuiten. Voor mij was het iets waar ik geregeld naar greep, omdat ik kickte op het verdovende effect.

Ik kan het niemand aanraden. Echt niet. Het begint met die ene verwonding en je denkt dat je nog terug kan, maar zo is het niet. Langzaam aan raak je gevangen in het web van de opluchting die het teweeg kan brengen. En er zijn zoveel constructieve manieren om met negatieve emoties, angst, spanning, wat dan ook om te gaan.

Ik heb er spijt van dat ik mezelf ooit verwond heb. Nu leef ik dagelijks met de littekens. Toen ik op de spoedgevallendienst kwam met een hersenschudding, haalde men er een psychiater bij omdat men dacht dat ik mezelf opzettelijk die kwetsuur had toegebracht. Wat helemaal niet waar was. Maar toch dacht men dat, eens de spoedarts de littekens zag, haalde hij een psychiater. Ook al ging het goed met me en verwondde ik mezelf niet meer.

De littekens zorgen voor stigmatiserende reacties. Maar naast eventuele littekens zijn er ook andere zaken waar je na zelfverwonding mee te kampen krijgt. Ik heb vrienden verloren, mensen die me heel nauw aan het hart lagen. Allemaal omdat ik niet begrepen werd en niet kon duidelijk maken wat ik wel nodig had. Een troostende arm rond mijn schouder, in plaats van berispende opmerkingen. Daarnaast hebben mijn studies ook lang op een laag pitje gestaan. Omdat ik door de zelfverwonding vaak opgenomen moest worden.

Natuurlijk komt zelfverwonding niet alleen. Het gaat vaak samen met hele moeilijke emoties en situaties. Ik verwondde mezelf niet voor het plezier. Het is daarom zo belangrijk om hulp te zoeken. Wees nooit te trots om hulp te zoeken. Het is zo jammer alleen te blijven met al je moeilijke gedachten en emoties. Mensen die professionele hulp zoeken zijn niet gek of wat dan ook. Ze hebben iemand nodig die luistert, die helpt zoeken hoe het anders kan, beter kan. En ook voor jou kan het anders, echt waar. Als je deze blog leest en je slecht voelt of jezelf verwondt, weet dan dat je er niet alleen voor staat. Zoek hulp. Bij de huisarts, het Centrum voor Leerlingenbegeleiding, een psycholoog of psychiater,..

Het kan beter, anders. Echt waar. Ook voor jou.

donderdag, 01 maart 2018 08:46

Er kroop een monster in mijn hoofd

Geschreven door

Er sloop een monster in mijn hoofd, zijn naam was zelfverwonding

Al vanaf mijn vijfde levensjaar sloop er langzaam aan een dier in mijn hoofd. Geen mooi en schattig dier, niet pluizig en lief. Het was een monster, een lelijk exemplaar dan nog, dat zich langzaam aan in mijn brein nestelde. Ik werd regelmatig getraumatiseerd. Hierdoor vertelde het monster me dat ik minder waard was dan mijn vriendjes in de lagere school. Minder waard was dan mijn broer en zus. Regelmatig voelde ik een heel lage zelfwaardering. En doorheen de jaren werd dit enkel erger.

Op mijn elfde namen mijn ouders me mee naar een psycholoog. Ik had last van woedeaanvallen en opstandig gedrag, en daar maakten mijn ouders zich zorgen over. Ik had een hekel aan psychologen, dacht dat enkel gekke mensen erheen gingen. Ik dacht dat ik compleet losgeslagen was, van lotje getikt. Een psycholoog? Ik? Dat kon toch helemaal niet waar zijn. Eenmaal ik in het kantoortje van de strenge man zat, speelde ik toneel. Niemand mocht weten wat mij overkwam. Het moest een geheim blijven. De psycholoog zag niet dat ik toneel speelde, ik verwijt hem niets, toneel spelen kan ik nu eenmaal goed. En hij zei dat er niets aan de hand was met me. Dat mijn ouders alleen wat strenger moesten zijn op me.

Intussen gingen de trauma’s verder. Tot ik dertien was. Na een traumatische gebeurtenis was ik helemaal ondersteboven. Het monster sprak me toe, zei dat ik mezelf opzettelijk moest verwonden. En dat deed ik. Eerst voelde ik me opgelucht. Maar al snel kwam het schuldgevoel. Ik wist niets af van zelfverwonding, wist niet dat andere mensen dit ook deden. Ik zweeg, verborg de wondjes onder lange mouwen en zei niets.

Zo is het enkele jaren verder gegaan. Ik kon de wonden goed verborgen houden, en niemand wist iets. Het snijden gaf me een gevoel van opluchting. Alleen duurde dat gevoel maar enkele minuten. Al snel kwam de zelfhaat, de schaamte, het schuldgevoel. Ik durfde er met niemand over praten en dat was erg eenzaam, misschien wel de meest eenzame periode van mijn leven.

Op mijn veertiende, in het derde middelbaar, werden de krassen op mijn arm toevallig ontdekt tijdens de praktijkles op school. Een medeleerling zag het en sloeg alarm bij de klastitularis. Zo kwam ik bij de leerlingenbegeleider terecht. En daarna bij het CLB. Hoe goed die mensen me ook probeerden te helpen, ik liet hun hulp niet toe. Het geheim van de trauma’s woog te zwaar. Ik wilde niet dat zij het wisten.

Een jaar later, op mijn vijftiende, werd ik voor het eerst opgenomen. Ik had nog nooit een psychiater van dichtbij gezien, laat staan een speciaal geval als deze. De man had alles wat je als leek van een psychiater zou denken. Zonderling. Ik verbleef 18 weken op de afdeling voor kinderpsychiatrie. Eindelijk kon ik praten over de trauma’s, tot in hoeverre dat lukte. Toch bleef ik voorzichtig. Ik was bang dat men mij niet zou geloven. Bang om afgewezen te worden. Daarna volgden nog enkele jaren vol opnames. Hier schrijf ik niet graag over omdat ze voor mij niet zo prettig waren. Ik strooi liever optimisme in het rond, dan dat ik pessimistisch blijf.

Gelukkig trof ik op mijn negentiende een psychologe die me begreep. Omdat ik dan volwassen was, voelde ik me veel autonomer en kon ik zélf beslissen wat er met mijn verhaal gebeurde. De eerste gesprekken bij de psychologe waren niet gemakkelijk. Ik probeerde de moeilijke onderwerpen te vermijden, en ging mezelf veel vrolijker voordoen dan ik was.

Nu ligt het eerste gesprek bij de psychologe vier jaar achter me. Het gaat beter met me. Ik ga niet zeggen dat alles al perfect gaat. Maar wat is perfectie, bestaat dat, en moet je dan per se perfect zijn. Voor mij is de middenmoot goed genoeg. Zo lang de diepe dalen afwezig zijn, ben ik al heel tevreden.

Het monster zit nog steeds in mijn hoofd, dat moet ik wel bekennen. Ook al ben ik nu getrouwd met de liefste van de wereld. Toch blijft het monster aanwezig. Het blijft vechten om mezelf niet meer te verwonden, maar het lukt. Mijn leven is er zoveel mooier op geworden, doorheen de jaren. Van een heel onveilige situatie naar een veilige thuis. Ik had nooit durven dromen dat ik ooit ging staan waar ik nu sta: getrouwd, aan het studeren, en met vele hobby’s.

Het is mogelijk, ook voor jou!

zaterdag, 03 juni 2017 02:10

It was on my mind again

Geschreven door

Sometimes the things you can’t reach, are the things you want most.

Meer dan een jaar geleden besloot ik om een punt te zetten achter mijn zelfverwonding. Ik besefte dat het genoeg was geweest, dat het anders kon, dat ik dit niet verdiende. Dat ik andere manieren zou vinden om met mijn pijn om te gaan. Na meer dan 10 jaar was het plots gedaan. Ik had geen vertrouwde methode meer om naar terug te grijpen, ik moest op zoek gaan naar nieuwe manieren. De eerste dagen lukte het goed. De eerste weken nog beter. Na de eerste maand was ik fier, trots, gelukkig, ik kon dit echt aan!

Tot na een maand of 3-4 een einde kwam aan de illusie. Stressvolle weken, mood-swings, negatieve gedachten, en ga zo maar door. Tientallen, honderden keren heb ik geprobeerd om op andere wijzen invulling te geven aan hetgeen ik het meeste wou. Ik schreef mijn gevoelens neer, ging uren huilend onder de douche staan, ging wandelen in de buitenlucht, keek dagen lang naar series en focuste me daarop. Gaandeweg heb ik me er door geloodst, heb ik niet toegegeven aan de drang, de nood. Maar in plaats van euforie, voelde ik gemis. Ik besefte dat het nooit meer hetzelfde zou zijn.

De maanden hierop werden dan ook mentaal ontzettend zwaar. Steeds meer was het in mijn gedachten, steeds vaker had ik het mentaal moeilijk, voelde ik me zwaar, leeg, depressief. Nog steeds, tot op de dag van vandaag. Ik gaf niet toe, al was het reeds ontelbare malen zeer moeilijk. Ik voelde me terug gekatapulteerd in de tijd.

Soms beeld ik me in hoe het vroeger was, en probeer ik op die manier bij het gevoel te komen. En hoewel ik mezelf nog niet bewust opnieuw heb gesneden, betrapte ik mezelf erop dat ik wel terug van kleinere zaken geniet, zaken die niet goed zijn. Een blauwe plek door het stoten tegen een tafel, een kras op mijn been van de nagels van mijn huisdier, een kind dat net iets te hard aan mijn haren trekt. Het lijken zo’n banale dingen, dingen die iedereen dagelijks meemaakt. En toch voel ik hiervoor schaamte want ik geniet van deze zaken, ik geniet ervan dat dit soort zaken me terug rust geven. En toch kan ik mezelf niet inhouden om bij het opkomen van bijvoorbeeld een paniekaanval, even op de pijnlijke plaats te duwen, en zo terug een goed gevoel te krijgen, een gevoel van rust.

Ik ben niet goed bezig, dat besef ik maar al te goed. Maar op dit moment is het dit of er onderdoor gaan en terug staan waar ik jaren geleden stond, verslaafd aan automutilatie. Want mentaal ben ik op. Stress, geen zelfvertrouwen, weinig reserves, dagelijkse negatieve commentaren, mezelf veel te veel aantrekken van wat anderen denken,… Ik ben het gewoon moe om altijd een glimlach te blijven toveren op mijn gezicht, om te slikken wat mensen boven mij me opdragen, om neergehaald te worden. Ik ben het moe om erover te praten, om te blijven vechten, dag na dag, uur na uur, minuut na minuut.

Ik wil gewoon weer even mijn stress kwijt, weer controle voelen en mezelf mentaal opladen. Maar de enige manier waarop dit kán, is niet meer mogelijk, wil ik mezelf niet meer aandoen, dit heb ik mezelf beloofd. Ik realiseer me nu dat ik niet alleen een verslaving had, maar nog steeds verslaafd ben. Een realisatie waar ik moeilijk mee kan omgaan, maar die ik onder ogen moet durven nemen. Ik ben – nog steeds – verslaafd, en heb nog een lange weg te gaan…

Life is heavy, and I have lost my strenght.

zaterdag, 03 juni 2017 02:10

Over rode neuzendag

Geschreven door

“You can’t change your situation, the only thing you can change is how you chose to deal with it.” 
4 uur. Zolang heb ik me kapot gehuild na een promo reclamefilmpje van “Rode Neuzendag 2016”. Begrijp me niet verkeerd. Ik steun het initiatief voor de volle 100%. Aandacht voor psychische problemen is zeker nodig in deze maatschappij. Nog veel te veel is een taboe. Maar toe ik het filmpje zag over Laure die reeds 2 jaar aan zelfverwonding doet, kon ik niet anders dan huilen. Ik huilde niet van medelijden, niet van “ochere dat meiske”, maar ik huilde van woede. 

Ik was die dag al opgestaan na een nacht vol draaien en keren. Elk uur van de klok had ik gezien. Het was een nacht geweest vol vechten tegen mezelf, om toch maar niet toe te geven aan mijn drang. Ik stond uitgeput op. En dan ga je naar beneden, zet je de TV aan, en zie je datgene waar je de hele nacht voor gevochten hebt zo uitgebeeld voor je neus verschijnen. Hoelang ik naar het scherm heb staan staren, ik heb geen idee. Een halfuur? Het zal zoiets geweest zijn. En na het staren, kwamen de eerste tranen, samen met de harde werkelijkheid. Ik was jaloers (en ben hier helemaal niet trots op). Jaloers op hoe zij na 2 jaar de aandacht en de hulp krijgt die ik ook verdiende. Op hoe zij de verlossing voelde. Maar al snel werd deze jaloersheid vervangen door kwaadheid.
 
Hoe kan het dat een initiatief die zo hard inzet op aandacht voor psychische problemen, deze problemen zó letterlijk in beeld brengt? Ik was na het zien van het filmpje enorm getriggerd. Want als snel namen de tranen van wanhoop de tranen van kwaadheid over. Ik ben voor mijn televisie in elkaar gezakt. Ik beval mezelf om daar te blijven zitten. Had ik opgestaan, dan had ik mezelf sowieso verwond. 


4 uur later raapte ik mezelf weer bij elkaar. Ik was kapot, volledig uitgeput. Ik ben de rest van de dag in de zetel gaan liggen en ben er niet meer uit geweest. Het duurde 3 weken voor ik terug naar de televisie wou (én kon) kijken. 3 volle weken had ik angst om terug op datzelfde filmpje te botsen. Ik blokkeerde ook meteen al het nieuws over Rode Neuzendag. Ik ontvolgde alles op social media, zette de radio niet meer aan. 


Twee maand later kan ik het nog steeds niet, kijken naar hun acties op TV. Ik heb enorm veel respect voor de organisatie, maar volgend jaar mogen ze voor mij twee keer nadenken over hoe ze de zaken in beeld zullen brengen… 
“Perhaps our eyes need to be washed by our tears once in a while, so that we can see life with a clearer view again.”

zaterdag, 03 juni 2017 02:09

Mijn verhaal

Geschreven door
“You never know how strong you are, until being strong is the only choice you have.” 
Ik kan moeilijk praten over mijn zelfverwonding. Niet omdat ik me schaam of omdat ik schrik heb. Nee, het probleem ligt daar niet. Het probleem ligt in het fysieke, zichtbare aspect. Want wanneer mensen horen dat je aan zelfverwonding doet, verwachten ze automatisch dat je vol staat met zichtbare littekens. 


Terwijl de mensen zouden moeten beseffen dat niet het litteken het probleem is, maar de onderliggende redenen. Achter één litteken zitten honderden, duizenden gedachten. Er zijn ontelbaar veel tranen gevloeid. Er zijn momenten geweest van hulpeloosheid, van angst, eenzaamheid. Verdriet. Waarom ik? Waarom opnieuw? Slapeloze nachten, dagen van onzekerheid en onrust. Ik kan nog wel even doorgaan. 


Over een periode van 10 jaar heb ik mezelf verwond. Ik begon toen ik 12 jaar oud was en deed het de laatste keer nét voor ik 22 werd (enkel maanden geleden). De manieren waarop doe ik hier niet uit de doeken, maar het zijn er meer dan ik op mijn hand kan tellen. En toch heb ik niet veel littekens. Maar diegene die er wel zijn, die hebben mij én mijn ziel getekend voor het leven. 


Ik ben altijd alleen geweest met mijn zelfverwonding. De enkele vrienden die ik had waren op de hoogte, maar lieten me gewoon begaan. Mijn ouders ontdekten het één keer op mijn 14 jaar. “Doe dit nooit meer, beloof je het?”. Ik hoor mezelf nog steeds “Ja, ik beloof het.” zeggen. Had ik me toen maar aan mijn woord gehouden. Of nee, had er toen maar iemand hulp gezocht voor én met mij. Alles bleef aanslepen, tot ik afgelopen jaar via een fandom van een serie andere mensen uit andere landen leerde kennen. 


Het kunnen praten in het Engels – en misschien ook de anonimiteit - was voor mij de grote doorbraak om mijn verhaal te beginnen delen. Ik kreeg – of liever krijg – het woord zelfverwonding amper over mijn lippen. Ik weet niet hoe het komt, maar elke keer krijg ik een krop in mijn keel en breekt er iets in mij. Maar in het Engels heb ik dit niet. Self-harming klinkt voor mij ook zoveel mooier, zachter. Door mijn verhaal te delen, en met andere in gesprek te gaan, zette ik uiteindelijk vorig jaar zélf de stap naar therapie. Een stap die mijn leven veranderde. 


Op het moment dat ik dit schrijf is het een half jaar geleden dat ik mezelf voor het laatst verwondde. Maar er gaat geen dag voorbij zonder ik hieraan denk. Daarom besloot ik om mijn verhaal, mijn gedachten en gevoelens, te delen op deze blog. Een verwerkingsproces voor mij. Misschien – en hopelijk – een steun voor anderen. 


“Don’t be ashamed of your story. It will inspire others…”
 
zaterdag, 03 juni 2017 02:08

Verbondenheid #2

Geschreven door

Soms is het tijd voor een nieuw moment, voor een nieuw leven, voor nieuwe keuzes. 
Het schooljaar lijkt daar bij mij altijd het ideale moment voor. Ik zit vol ideeën en ik bruis van de plannen. 
 
Maar bij elke nieuw begin hoort een einde van iets ouds.Afscheid van vriendinnen die misschien niet mee over gaan. Afscheid van je vakantielief. Afscheid van het leuke kamp dat je deze zomer meemaakte. Maar ook afscheid van de mooie zomerdagen waarbij je met een wijntje op het terras kon zitten.Of afscheid van je oude collega’s als je een nieuwe job begint. 
 
Ik vind afscheid nemen alvast niet gemakkelijk. Het is een opeenstapeling van lastige emoties en ik kan daar zelf niet altijd goed mee overweg. Hier alvast een paar tips. 
 
Voor mensen die aan zelfverwonding doen is het vaak niet zo gemakkelijk om emoties te voelen en te uiten op een andere manier dan door zelfverwonding. Dat is bij mij niet anders. De laatste tijd leer ik veel van ACT (acceptance and commitment therapy) waarin ze je aanraden om je emoties te voelen en ook echt bij je emoties en in het moment te blijven. Als je je emoties wegduwt, worden ze eigenlijk alleen maar erger.Probeer ze niet te vermijden. Probeer maar eens om 5 minuten niet aan een roze olifant te denken. Wedden dat je er juist wel aan denkt? 
Het is dus belangrijk dat je je emoties toestaat en dat je ze op een constructieve manier uit. Huil uit bij een goede vriendin, ga wandelen of sporten, kijk naar een verdrietige film of probeer op een andere constructieve manier je emoties te uiten. 
 
Kijk terug op de fijne momenten en wees er dankbaar voor. Maak een boekje waarin je al je fijne momenten opschrijft en blader er regelmatig eens door. Luister naar muziek die je associeert met een bepaalde periode of een bepaald persoon. 
 
Zoek steun bij anderen. Praat met de mensen die je willen en kunnen steunen. Zeker de eerste periode na een lastig afscheid, kan je misschien afspreken met vrienden en vriendinnen om de dagen door te komen. Zorg dat er altijd iemand is waarbij je terecht kan op moeilijke momenten, zelfs al is het 's morgensvroeg. Als je met niemand kan of durft praten, kan je misschien wel terecht bij een hulpverlener. 
 
Blijf goed voor jezelf zorgen. Voor mensen die aan zelfverwonding doen, is het vaak gemakkelijk om te verzinken in een patroon waarbij er niet meer voor je zelf gezorgd wordt. Dit geldt zowel op emotioneel als op fysiek gebied. Zorg een beetje beter voor jezelf dan je anders zou doen, houdt structuur aan, blijf eten, ga op tijd slapen en zo verder. Jij moet in eerste plaats voor jezelf zorgen! De rest komt daarna wel. 
 
Ook ik sta binnenkort voor een nieuwe uitdaging op het gebied van afscheid nemen en dan vooral op gebied van therapie. Ik vind het best moeilijk, maar ik ben er van overtuigd dat als ik bovenstaande tips meeneem ik er wel door kom.

Door Plectrude 

zaterdag, 03 juni 2017 02:08

Verbondenheid #1

Geschreven door

We gaan het samen aan. Ik laat je niet los.” Deze woorden werden uitgesproken door mijn psycholoog op een moment dat ik het heel moeilijk had. De woorden creeërden verbondenheid op een moment dat ik dat eventjes niet meer kon voelen. Het ging niet goed en ik stond op het randje van een opname. 
Maar ik was niet alleen. Ik was samen. Hij hield zijn woord. Elke dag opnieuw zaten we eventjes samen om te bespreken hoe het ging. Elke dag opnieuw maakte hij eventjes tijd om te luisteren, om knopen te ontwaren en om weer hoop te installeren waar ik alle hoop kwijt geraakt was. Elke dag opnieuw toonde hij betrokkenheid bij mij en mijn situatie. 

Beetje bij beetje kon ik het weer voelen. Ik voelde de verbondenheid niet meer alleen bij mijn psycholoog, maar probeerde het ook weer te installeren bij Manlief. We bespraken samen met de psycholoog mijn signaleringsplan. We bespraken het al dan niet bespreken met elkaar van moeilijke onderwerpen. We leerden weer in elkaar vertrouwen door middel van het signaleringsplan en we spraken af dat Manlief mag ingrijpen op momenten dat hij de signalen uit mijn signaleringsplan ziet en herkent.

De verbondenheid met mijn psycholoog en Manlief zorgde ervoor dat ik ook weer verbondenheid kon voelen met mezelf en met een hele hoop anderen. Het is deels dankzij de betrokkenheid van mijn psycholoog en die anderen dat ik een opname kon vermijden en dat ik weer verder kan met mijn leven. Ik voelde me vastgehouden op een moment dat ik zelf uit elkaar viel. 

Voor mij is het belangrijk geweest om me verbonden te voelen en te leren voelen. Pas op dat moment kon ik de keuze maken mezelf niet meer te verwonden. Ik moest niet meer praten met mijn lichaam om te zeggen dat het niet meer ging. Ik vond de woorden om te zeggen: “Het gaat niet goed.” Soms moet ik zelfs dat niet meer zeggen, maar kunnen anderen het afleiden uit een blik, mijn gedrag en uit hetgeen ik juist niet uitspreek. 
Ik hoop dat jij je ook verbonden kan voelen met een ander. Ik hoop dat jij ook de verbondenheid met een ander kan toestaan. Ze is er vast ergens. Bij een (beste) vriendin, je ouders, je partner, je psycholoog of een lotgenoot van Verwonderd. Je bent niet alleen. Nooit.

Door Plectrude 

Ook jij kan ons je herstelverhaal of blog doorsturen op buddy@verwonderd.be.